Bolswarder zaken….(372)

Bolsward - We vervolgen onze wandeling door het oude Bolsward op de Appelmarkt. De stadsgidsen Jan Keuvelaar en Peter Mulder staan stil bij de verschillende panden en stellen u voor aan de eigenaren en bewoners door de eeuwen heen.

  Appelmarkt 16 (Jensen family shop) Op 23 november 1909 komen wij Eisma tegen in een voorlopig comité dat tot doel heeft een werklozenfonds in het leven te roepen. De bedoeling van het fonds was de gevolgen van werkloosheid zoveel mogelijk te verzachten. Het comité trad in de eerste plaats op voor de werklozen die in de regel vast werk hadden maar door ongewone oorzaken, bijvoorbeeld malaise in de bouw tijdelijk zonder werk zaten. Het comité zou er zoveel mogelijk naar streven de leden die werkloos waren werk te verschaffen in het vak of beroep dat zij gewoonlijk uitoefenden en wanneer er voor hen geen werk te vinden was hen enige geldelijke steun te verlenen voor zover de kas zulks toeliet. De werklozen waren verplicht arbeid te verrichten wanneer het comité er in slaagde werk voor hen te vinden. Voor de Raad van Beroep te Leeuwarden diende op 7 december 1909 een zaak, aangespannen door de in het weeshuis opgenomen W. Molenaar, die een uitkering ontving op grond van de Ongevallenwet 1901. Door een hem overkomen ongeluk mistte hij een deel van het zicht in zijn linkeroog. Hem was een uitkering toegekend van 21% van het dagloon. Deze uitkering was teruggebracht tot 17½ % ofwel 17,5 cent. Molenaar verdiende dus voor het ongeluk ƒ 1,00 per dag. Ter zitting las Eisma een verklaring voor van de arts U. Hannema die verklaarde: er zijn geen wijzigingen in het gezichtsvermogen van Molenaar opgetreden. Drie dagen later stond er een bericht in de Leeuwarder Courant dat er opnieuw plannen waren voor de aanleg van een waterleiding in Bolsward. De heren Visser en Smit, die in de provincies Zuid-Holland, Zeeland en Noord-Brabant verschillende waterleidingmaatschappijen exploiteerden, hadden een financiële opzet gemaakt waaruit bleek dat voor de aankoop van grond en de bouw van een pompstation c.q. watertoren een bedrag van ruim 1,5 ton nodig zou zijn. Een en ander zou winstgevend kunnen worden geëxploiteerd. Er werd een commissie in het leven geroepen bestaande uit een negental personen, waaronder de heer Eisma, die zou trachten een krediet van de gemeente te verkrijgen om een degelijk en uitgebreid grondonderzoek te laten verrichten. Begin januari 1910 werd bericht over de start van de Naamloze Vennootschap “De Wolvegaster Exportslagerij”. Een initiatief van inwoners van Wolvega, Zwolle en Meppel, daarnaast mevr. de wed. Schievink uit Bolsward en de gebroeders Eisma, waarvan de jongste inmiddels verhuisd was naar Arnhem. De vennootschap bood slagers de gelegenheid hun vee in het naar wettelijk voorschrift ingerichte slachthuis te laten slachten. De vennootschap werd aangegaan voor een periode van 30 jaar. Het maatschappelijk kapitaal bedroeg ƒ 9.000,00 en was geheel gestort. C.W. Eisma werd benoemd tot commissaris van de vennootschap. In de Leeuwarder Courant van 27 januari 1910 werd verslag gedaan van de instelling van het werklozenfonds. De heer C.W. Eisma werd benoemd tot penningmeester. Er waren totaal circa 50 leden toegetreden, meer dan 100 donateurs zegden een jaarlijkse bijdrage toe, terwijl ook op stichtingen geen vergeefs beroep werd gedaan. Om aanspraak op uitkering te kunnen maken moesten de bij het werklozenfonds aangeslotenen lid zijn van een van de hier bestaande georganiseerde werk- of vakliedenverenigingen. Zij moesten minstens een jaar in Bolsward woonachtig zijn en 40 achtereenvolgende weken de vastgestelde contributie hebben betaald. (Wordt vervolgd.)   Wilt u reageren op Bolswarder Zaken: Peter Mulder, It Heech 7, 9035 AD Dronrijp, 0517-233214 of 06-34015075 (mulder.dronrijp@upcmail.nl).   Onderschrift foto: Het pand links (Marktstraat 10) werd bewoond door dokter Ulbe Hannema.