Marica van der Meer gaat fietsend de wereld rond in twintig maanden

WORKUM - Woensdag werd ze vijftig jaar. Een prima reden voor een nieuwe reis, zo dacht Marica van der Meer uit Workum. Donderdag stapte ze op haar fiets voor een rondreis over de wereld. Een kleine dertigduizend kilometer in twintig maanden.

Vanaf haar verjaardagsfeest in de buurt van Joure is ze simpelweg ‘de verkeerde kant op’ gefietst. Die gemiste afslag brengt haar eerst in Antwerpen. Vanaf daar belandt ze op een containerschip richting Zuid-Amerika, waar ze over dertig dagen aankomt in één van twee hoofdsteden: of in het Argentijnse Buenos Aires, of in Montevideo (Uruguay).

Het maakt haar niet zoveel uit, vertelt ze vanuit haar opgeruimde huis in Workum. ,,Dat bepaal ik onderweg wel. Niks ligt vast." Op tafel ligt een wereldkaart, uitgeprint over vier A4’tjes. De getekende rode lijn geeft globaal haar route weer, beginnend dus in het zuidoosten van Zuid-Amerika.

Op dat continent doet ze verder Paraguay en Bolivia (,,mijn lievelingsland") aan om via Brazilië naar Suriname te fietsen. Na wat eilandhoppen in de Caribische Zee gaat de reis verder richting Amerika, de zuidelijke staten doorkruisend. Hawaii geldt halverwege de Stille Oceaan als luxueuze tussenstop onderweg naar Azië. Japan, Zuid-Korea en China zijn de aanloop naar Europa. Vanaf daar is het via Kazachstan en Rusland in een min of meer rechte lijn terug naar huis. November 2020 is vooralsnog de prognose.

Ze vertelt over haar plannen met een opvallende nonchalance. Dat komt misschien door het feit dat het voor de Workumse niet haar eerste lange fietstocht is. Eerder al ging ze op haar trouwe tweewieler van Vuurland, het meest zuidelijke puntje van Zuid-Amerika, naar Alaska. 34 was ze toen. En een kleine vijf jaar geleden fietste ze naar de verjaardag van een vriendin. Die fuif was ook niet bepaald om de hoek. Adelaide, Australië om precies te zijn. Die belofte had ze nu eenmaal gedaan. Over beide reizen publiceerde ze een boek: ‘Van Vuur naar IJs’ en ‘Weg van de Wereld’, om precies te zijn.

Van der Meer houdt er een vrije levensopvatting op na. De maatschappelijke druk doet haar niets. Althans: ze trekt zich er niks van aan. Trouwen, kinderen, een ‘vaste baan’: het hoeft van haar allemaal niet. ,,Voor elk kind dat ik niet heb, kan ik twee reizen maken."

Die vrije geest kwam mede door het vroege overlijden van haar vader. Werken, sparen voor later, et cetera. Maar opeens kwam het besef: wat als er geen later is? De avonturier in haar werd wakker. Leef nu. In haar twintiger jaren werkte ze daarom als reisleidster in Amerika en studeerde ze in Japan. Om maar iets te noemen.

Op haar 33e was ze terug in Nederland. Ze nam een kantoorbaan, maar kwam al snel tot de conclusie dat dit niks voor haar was. En dus volgde de fiets. En de fotografie; het beroep dat ze uitoefent. ,,Ik ben een fotograaf die fietst”, benadrukt ze dan ook. ,,Niet andersom.”

Die zoektocht naar nieuwe, mooie beelden houdt haar in het zadel. ,,Het is geen fysieke uitdaging, maar een mentale.” En fietsen is volgens haar de mooiste wijze van vervoer. ,,Je hebt een hoge gunfactor”, zo vertelt ze. ,,Een auto is een soort harnas. En het gaat te snel. Op de fiets zie je veel meer.”

Haar stalen ros, die haar in al die jaren trouw is gebleven, wordt feitelijk een huis op wielen. ,,Kijk, dit is de keuken”, vertelt ze als ze één van de vijf fietstassen aantikt. ,,En ik neem drie setjes kleding mee. En hier zitten mijn slaapspullen in”, wijst ze naar de strak ingepakte tas rechtsachter op de fiets.

,,Heel je leven in vijf fietstassen”, concludeert ze. ,,Als je de huisdeur dicht trekt, laat je ook heel wat zorgen achter.”

Ze doet haar verhaal met een dosis verklaarbare zenuwen. Wel wil ze een belangrijke nuance aanstippen. Normaal vertelt ze achteraf over haar reizen -eind vorig jaar deed ze zelfs een theatertour- maar nu komt ze op voorhand met een verhaal. ,,Het moet allemaal nog maar hè. Maar dit is in ieder geval het plan.”

Yme Gietema.