Bewoners nieuwe Finke vormen samen een gezin

KOUDUM De eerste bewoners van De Finke in Koudum zijn maandag verhuisd naar hun nieuwe onderkomen. Een officieel feest kon natuurlijk niet door de corona, maar toch was de gebeurtenis wel feestelijk. De rode loper lag uit en mevrouw Samplonius mocht het lint doorknippen. Vervolgens kreeg zij als eerste de sleutel van de woning die zij met anderen deelt en waarbij samen activiteitein ondernemen centraal staan. Zo is het de bedoeling dat mensen samen koken, wassen en schoonmaken.

Dinsdag gingen dus de eerste bewoners van dit „gezin” over naar hun nieuwe onderkomen. Dat werd wandelend of rolstoelend gedaan. De eerste bewoners betrokken het huisje met de mooie naam Zeilen. De andere bewoners zullen op woensdag tot en met vrijdag worden verhuisd. Zij gaan wonen in huizen met de namen Stavoren, Hylpen, Tuinbouw en Boerderij.

Voor alle bewoners is hun nieuwe onderkomen een grote verrassing. Door de corona mochten ze de huizen niet eerder zien. Ook de verhuizing zelf ging anders dan anders: normaal gesproken helpen familieleden mee, maar dat mocht nu ook niet. De bewoners van de oude Finke konden bij het personeel daarom aangeven wat ze allemaal wilden meenemen en dat werd dan vervolgens verhuisd. En vervolgens werden naar hun wens de woningen ingericht. „Best spannend,” aldus de organisatie. „Nu is een verhuizing altijd wel spannend, maar omdat de bewoners nu wel heel lang in de onzekerheid hebben verkeerd, was het deze keer extra spannend. En de een vindt het prachtig dat het nu dan eindelijk zover is en de ander heeft er wel wat moeite mee.”

De nieuwe Finke bestaat uit vijf kleinschalige zorgvilla’s voor ouderen met een zorgvraag. Er is plek voor 24 ouderen met dementie en 16 ouderen met een lichamelijke beperking. Ook zijn er twee appartementen voor ouderen, die tijdelijk zorg en ondersteuning nodig hebben. Iedere zorgvilla bestaat uit acht moderne appartementen en een gezamenlijke huiskamer. Medewerkers en bewoners vormen met elkaar een huishouding waar zelf gekookt, gewassen en schoongemaakt wordt.

De zeer moderne woningen zijn voorzien van allerlei domotica. Dat wil zeggen allerlei snufjes die er voor zorgen dat alles werkt. Dat is ook wel nodig, want het idee achter deze woningen is dat er in feite een groot gezin ontstaat dat de boel samen draaiende houdt. Dus bewoners samen met het personeel. Daar komt wel bij dat de bewoners die met elkaar in een huis wonen, daarvoor nooit met elkaar hebben gewoond. Ook het personeel dat samen moet gaan werken, doet dat in nieuwe samenstellingen. Maar met die opzet ervaren de bewoners dat ze in een normaal huis wonen en onderdeel zijn van de dagelijkse routine die zich in elk huishouden afspeelt.

De gedachte achter het nieuwe concept is dat het meer wonen dan zorgen is. Dus eigenlijk net als vroeger toen de bewoners met hun eigen gezin woonden of toen ze nog bij hun eigen ouders woonden. „Van alle normale dagelijkse zaken maken we dan een activiteit. Dus het koken wordt een activiteit, maar ook het wassen. En bij al die zaken praat je toch ook, dus ook dat maakt het alweer een bezigheid.” Verplicht zijn die zaken overigens niet. „Wie niet wil, hoeft natuurlijk niet. Maar je moet het ook wel wat stimuleren, het moet groeien.” Naast dagelijkse bezigheden mogen de clienten ook aangeven wat ze verder nog leuk zouden vinden om te doen. „Misschien is dat iets sportiefs. Of uit eten gaan. Dat gaan we dan allemaal proberen te realiseren” Maar ook de gewone zaken zouden weer door moeten kunnen gaan. „Als een dochter normaal gesproken 1 keer kwam koken voor ouders of vader of moeder, moet dat hier ook kunnen. Of als een zoon elke avond even langskwam. Ook dat hoort er dan allemaal bij.” Kortom: het is de bedoeling om een thuissituatie na te bootsen zoals de klanten die vroeger ook ervoeren. Het gezin bestaat nu alleen uit alle bewoners samen en het zorgpersoneel. „Maar de client staat bij alles centraal.”