Planbureau: Leerkracht geeft vaak lager schooladvies dan CITO-eindtoets

REGIO - In Súdwest-Fryslân krijgt 39 procent van de leerlingen van groep 8 uit de CITO-eindtoets een hoger advies voor het voortgezet onderwijs, dan de leerkracht eerder heeft geadviseerd. Het past in het beeld in Friesland waar de leerkracht vaker dan in de rest van Nederland lager adviseert dan het CITO, blijkt uit onderzoek van het Fries Sociaal Planbureau (FSP).

In de komende weken krijgen kinderen in groep 8 uitslag van de verplichte Centrale Eindtoets. In februari hebben zij al een schooladvies van de leerkracht gekregen. Sinds 2015 is dit advies leidend in de overgang van basisschool naar het voortgezet onderwijs. Maar, als het resultaat op de Centrale Eindtoets minimaal een half schoolniveau hoger is dan het schooladvies, dan moet de leerkracht opnieuw naar het advies kijken.

Andere gemeenten

Vooral bij gemeenten in de regio Noordoost Fryslân worden lagere schooladviezen gegeven dan de eindtoets. Zo krijgt meer dan de helft (53%) van de leerlingen in Achtkarspelen een hoger advies op de eindtoets. In het voormalige Franekeradeel lag het percentage in schooljaar 2017/2018 op 31 procent, in het Bildt op 44 procent en in Littenseradiel op 40 procent. Het Friese gemiddelde lag op 39 procent.

In overleg met ouders en kind kan het schooladvies naar boven worden bijgesteld, maar de school kan ook besluiten dat het advies hetzelfde blijft. Het advies mag niet naar beneden bijgesteld worden.

In Fryslân is vorig schooljaar 21 procent van de schooladviezen die lager waren dan de toetsadviezen naar boven bijgesteld. Dat is minder vaak dan landelijk (23%). In de regio Noordoost-Fryslân worden adviezen het minst vaak bijgesteld.

Kansenongelijkheid

In Fryslân worden lagere schooladviezen gegeven en worden minder vaak adviezen naar boven bijgesteld. Volgens de Inspectie van het Onderwijs kan dit betekenen dat een deel van de kinderen in Fryslân niet het onderwijs volgt dat ze aankunnen, waardoor talent onbenut blijft. Mogelijk kan dit verklaard worden door het lagere opleidingsniveau van ouders in Fryslân (FSP, 2018).

Uit de Staat van het Onderwijs blijkt dat kinderen met laagopgeleide ouders vaker doorstromen naar een laag opleidingsniveau. Met dezelfde toetsresultaten krijgen zij lagere schooladviezen en deze worden minder vaak naar boven bijgesteld. Eén van de redenen is dat leraren soms zaken in hun advies meewegen die vaak onbewust de kansen van leerlingen kunnen belemmeren.