Fotograaf Willem van der Meer: Magie is er altijd

BLAUWHUIS Willem van der Meer zwalkt bijna dagelijks, vergezeld van een camera, over de laatmiddeleeuwse hemdijken in de omtrek van Blauwhuis. Hij betitelt zichzelf als landschapsfotograaf met als doel de natuur ‘bij tij en ontij vast te leggen en de spijt dat het verdwijnt’.

In zijn fotowerk zoekt hij de sfeer van de poëzie en schilderijen van Gerben Rypma (1878-1963), die zijn leven in dit gebied doorbracht.

Rypma gaf in woord en beeld het aloude Friese weidelandschap aan nieuwe generaties door. ,,En ik hoor bij dit landschap”, zegt zestiger Van der Meer met een zekere overtuiging. Tegelijk relativeert hij, want zijn fotografische werk beschouwt hij niet zozeer als kunstvorm. ,,Daar ben ik niet mee bezig. Beelden maken is waarop ik me richt en kijken. Meer kan ik niet”, zegt de Blauwhuister.

Toch is fotograferen meer dan zomaar een hobby. ,,Ik druk met mijn afbeeldingen de liefde voor het landschap uit. Het is er nog. Foto’s laten dat vastgelegde landschap zien. ‘Alles van waarde is weerloos’, dat is wat ik wil laten zien.”

Voor het digitale tijdperk maakte de Blauwhuister vooral familiekiekjes. ,,Maar ik was niet goed in het fotograferen van mensen.” Zijn liefde voor de fotografie kreeg echt vorm met de intrede van de digitale fotografie. ,,Ik maakte een omslag van onbewust naar bewust fotograferen. Altijd kijken of er een foto inzit en op welke wijze. Ik begon met een cameraatje van Sony, die ik nog heb.”

Willem van der Meer is een bescheiden man. ,,Ik ben eenzijdig; het landschap daarentegen is rijk.” Er spreekt een zekere melancholie uit zijn fotowerk. ,,Ik kijk door een weemoedige bril. Het kleurt mijn foto’s. Ik weet dat in ons landschap van alles gedaan wordt wat me niet aanstaat, zoals het verdwijnen van de vogels. Loslaten kan ik niet, want als ik dat doe geef ik op. Er zijn gelukkig nog gebieden, zoals bij de Aldegeaster Brekken, die nog de rijkdom van vogels en planten hebben. En waar je dus bijvoorbeeld grutto’s hoort.”

Gerben Rypma woonde in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw in een zeer eenvoudig onderkomen, een ‘klinte’, aan deze Brekken. Vrijwel zeker schreef Rypma hier de verzen ‘Moanne-nacht’ en ’Sneinsrest’, die Willem van der Meer imponeren door wederom het terugkerende en dominerende landschappelijk element.

De fotograaf vertelt boeiend verder: ,,Ik kijk door de spiegel en zie dat er meer is. Dit probeer ik te vangen in beelden.” Een koe. Een kerktoren. Een half verscholen boerderij achter een polderdijk. Een kronkelende sloot door de in de zeventiende eeuw drooggelegde Atsebuorster Mar. Het transformatorhuisje, gemaal en leidingdraden bij Pikesyl en Hissemar. Het zijn steevast terugkerende elementen in het fotowerk van Van der Meer.

,,Dit is mijn wereld. Daar leef ik in. Ik laat dingen weg die ik lelijk vind, maar niet altijd, want soms veranderen lelijke dingen in fotogenieke. Zoals laatst toen de foeilelijke torensilo bij Wolsum even werd ingenomen door tientallen roeken, waardoor dit object een beetje mooi werd. Die magie is er altijd.”

Vanaf zaterdag 25 mei exposeert Willem van der Meer foto’s in de kerk van Jorwerd.

Wiebe Dooper.