Lollumse Geartsje Pols maakt indrukwekkende reis naar Tadzjikistan

LEEUWARDEN

,,Ik heb heel wat afgehuild”, bekent Geartsje Pols (24), net een week terug van een indrukwekkende reis naar Tadzjikistan. Vijf weken bezocht ze het Aziatische land. Deels voor haar opleiding Social Work, deels namens de Stichting Stype, de stichting die al jaren afreist naar het land om te werken aan een kindertehuis.

Ze doet haar verhaal vanaf een terras in Leeuwarden, haar huidige woonplaats. Het is zoeken naar de juiste woorden om haar gevoelens te beschrijven. Verbazing overheerst. Over alles. De armoede, het verkeer, het eten. ,,Ik wist soms niet wat ik zag. Ik ben nog steeds aan het bijkomen”, vertelt ze. ,,Er zijn heftige dingen gebeurd.”

Zo was ze net drie dagen in het land toen honderd kilometer verderop een aanslag plaatsvond op vier fietstoeristen. Dat kwam hard aan bij Geartsje. ,,Ik hoorde later van mijn vader en moeder dat het om een aanslag ging. Ik heb toen echt op het punt gestaan om te vertrekken. Ik zei: ‘dit zijn geen grappen meer. Ik wil naar huis’.” Ze besloot echter te blijven, maar deed wel de nodige aanpassingen aan haar voorkomen. ,,Ik heb Tadzjiekse jurken gekocht en droeg een hoofddoek, maar ik heb me nooit echt veilig gevoeld.”

Het was voor de Lollumse -daar groeide ze op- de derde keer dat ze het straatarme land in Centraal-Azië bezocht, maar dit bezoek maakte verreweg het meeste indruk. Vorige jaren ging ze met de stichting en was ze nog relatief jong (16 en 17). Deze editie kreeg ze alles veel bewuster mee. ‘Douchen’ in een smerige rivier en voedsel dat veel weg had van menselijke uitwerpselen zorgden voor een harde reality check. ,,Dan besef je pas de rijkdom die je in je leven hebt.”

Er waren zeker ook mooie momenten. Het weerzien met Anora, een Tadzjiekse van begin twintig, die ze tijdens haar eerdere bezoeken had ontmoet. Zij en haar moeder namen Geartsje in huis en in het dorpje Hisor werd ze hartelijk ontvangen. Ook hier kwamen dubbele gevoelens opborrelen. ,,De mensen zijn zo lief. Ze willen je van alles geven, maar ik had liever dat ze ‘t aan zichzelf besteedden.”

Via een klasgenoot van Anora kwam ze terecht op een heuse Tadzjiekse bruiloft. Kort samengevat: mooie jurken, heel veel eten en een moeilijk te leren traditionele dans. Iets unieks, zo vertelt Geartsje. ,,Dat doe je waarschijnlijk nooit weer. Het was echt top.”

Voor haar opleiding op het NHL/Stenden zocht ze uit hoe het gesteld is met het ‘social work’ in Tadzjikistan. Hoe worden mensen geholpen die zichzelf niet of moeilijk kunnen redden? ,,Eigenlijk wist ik het antwoord van tevoren wel een beetje, maar dat beeld werd al op de eerste dag bevestigd: het is er niet. Veel dieren worden daar aan hun lot overgelaten, maar sommige mensen ook. De normen en waarden zijn heel anders. Heel gek om te zien.”

Na een kleine drie weken kwamen de leden van Stichting Stype aan. De vrijwilligers -zeven in totaal- bouwden aan een washok in een internaat in Hisor, een kleine dertig kilometer ten westen van hoofdstad Dusjanbe. Hier wonen 350 kinderen met een handicap. Weer een indrukwekkende en ongewone omgeving. Ze zag ook hier veel ellende. ,,Ik had daar veel moeite mee. Van binnen huilde ik, maar de kinderen oogden gelukkig. Zij weten niet beter.” Bijkomende hindernis: het was bloedheet. Geartsje: ,,Hier in Nederland was het warm, maar ik ging er twintig graden op achteruit toen ik terugkwam.” Het kwik in Tadzjikistan steeg tot ongewone hoogten van vijftig graden. In die verzengende hitte werkten de leden van de stichting door om uiteindelijk, na twee weken, de laatste hand te leggen aan het washok.

Ze vertelt haar verhaal vrijwel onophoudelijk, de film terugspelend. Indruk na indruk, ervaring na ervaring. Ze zag grote cultuurverschillen. ,,Ik moet het allemaal nog een beetje verwerken. Je kunt beter geen vrouw zijn in Tadzjikistan. De man is hier zo dominant. Ik werd op een gegeven moment gewoon weggeduwd en ik kwam ‘s avonds niet op straat.” Ook opvallend: de beeltenis van de president -Emomalii Rachmon- was overal te zien. Vergelijkend met haar eerdere bezoeken merkt ze weinig verbetering. ,,Er is naar mijn idee niet veel veranderd”.

Wel benadrukt ze dat het gaat om háar interpretaties. ,,Het zijn mijn ervaringen. Mijn huilen, mijn lachen..” Ze heeft het zo veel mogelijk proberen vast te leggen. Haar blogs waren uitgebreid, inlevend en beeldend én werden goed gelezen. ,,Daar kreeg ik veel reacties op. Dat deed me goed.”

Voor het afscheid nam ze drie dagen de tijd. In alle rust langs de kinderen, een laatste ronde door het internaat. Want ze wist: dit was voor haar de laatste keer. ,,Ik ga niet weer terug”, klinkt het gedecideerd. De negatieve ervaringen lijken te winnen van de positieve. ,,Voor mij is het klaar. Ik heb het afgesloten.” En op de vraag of ze de reis onderschat had, volgt een volmondig ‘ja!’.

Ze besluit met een boodschap: ,,Ik probeer met mijn verhaal mensen te inspireren, maar denk goed na over je beslissingen.”


Auteur

Yme Gietema.