Topvondsten bij opgraving klooster Hemelum

Hemelum

 Bij de opgraving van het voormalig kloosterterrein in Hemelum zijn belangwekkende vondsten gedaan. Het meest tot de verbeelding spreekt de vondst van twee gouden munten van Filips VI van Frankrijk (1328-1350).

“Dit type wordt gouden schild genoemd, geïntroduceerd in 1337”, vertelt Yvonne Boonstra, archeologisch beleidsadviseur van de gemeente Sudwest-Fryslân. “De munten zijn heel goed bewaard gebleven.” De huidige waarde wordt geschat op enkele duizenden euro’s.  Hoe de gouden munten in de bodem zijn beland is niet duidelijk. “Ze kunnen zijn verloren, maar dat is niet heel aannemelijk. Waarschijnlijk zijn ze begraven. Vroeger had men geen kluisjes bij banken, om de kostbaarheden op te bergen. En gewoon in huis bewaren was vaak niet veilig. Vandaar dat begraven de veiligste optie was. Kennelijk is men hier niet meer in de gelegenheid geweest ze weer naar boven te halen”, veronderstelt Boonstra. Spannende tijden Dat het klooster spannende tijden heeft gekend, blijkt bijvoorbeeld uit de vondst van afgeplatte musketkogels (16de eeuw). “Op het terrein is gevochten, vermoedelijk vanwege de rijkdommen die er te halen vielen.” De munten waren niet de enige topvondst, aldus de archeologe. Ze doelt op de aanwezigheid van een boerderij op het kloosterterrein. “Deze geeft belangrijke informatie over het leven in die tijd en over de inrichting van het kloosterterrein.” Jaarringenonderzoek De boerderij stamt vermoedelijk ergens uit de 12de-14de eeuw en is circa 35 meter lang. In enkele paalkuilen bevonden zich nog heel dikke palen. “Mogelijk kan door middel van jaarringenonderzoek de kapdatum van de boom worden bepaald en dus iets meer worden gezegd over de ouderdom van de boerderij.” Het veldwerk is inmiddels afgerond. Nu is onderzoeksbureau RAAP bezig met de uitwerking van de vondsten. Het is de bedoeling om na afronding hiervan de vondsten ten toon te stellen in Hemelum. Kloosters hadden in de middeleeuwen een zeer belangrijke functie in het maatschappelijke leven. Toen de kloosterbezittingen in het kader van de Reformatie in 1580 door de provinciale overheid in beslag werden genomen, waren de kloosters eigenaar van, naar schatting, één vijfde van de cultuurgrond in Fryslân. Na de Reformatie werden de kloostercomplexen grotendeels gesloopt. Ontsluiting Stavoren De gemeente liet het archeologisch onderzoek in Hemelum doen in het kader van de verbetering van de ontsluiting van Stavoren. Een van de projecten die daartoe bijdraagt is de aanleg van de rondweg om Hemelum, waarvoor nu de planologische voorbereidingen worden gedaan.

Auteur

Cindy Houwen