‘We zitten niet meer te breien’

Bolsward

Iedere week wordt in de rubriek ‘De Vrijwilliger’ een persoon uitgelicht die zich geheel belangeloos inzet voor anderen. Deze week is dat Annemarie Graafsma-Plantinga.

,,Het was wel dubbel om je moeder zo in het zonnetje te zetten”, geeft Annemarie Graafsma-Plantinga toe. Als huidig voorzitter van vrouwenvereniging ‘Wees een zegen’ in Parrega en Hieslum overhandigde ze vorige week haar moeder de bloemen voor haar vijftigjarig jubileum. ,,Maar het is ook heel bijzonder dat iemand al zo lang bij de vereniging zit”, vult Graafsma aan. Graafsma kwam zelf in 1995 bij de vereniging en is sinds acht jaar voorzitter. Maar het is tijd voor verandering, zo vindt ze. Daarom neemt ze aan het eind van dit seizoen afscheid van die functie. ,,Je moet ook niet vastroesten. En iemand anders heeft misschien weer heel andere ideeën. Ik heb het altijd met veel plezier gedaan, maar nu wordt het tijd voor iets anders.” De vereniging in Parrega kent nog altijd meer dan twintig leden en komt tussen september en Pasen eens in de twee weken samen. ,,We beginnen het seizoen altijd met een uitje en we sluiten af met een Paasviering”, legt Graafsma uit. ,,Tussendoor doen we van alles. De vrouwenvereniging heeft misschien nog een stoffig imago van vroeger, maar we zitten niet meer met z’n allen te breien.” Graafsma behoort met haar vijftig jaar tot één van de ‘jonkies’. ,,De meeste leden zijn tussen de zeventig en tachtig”, vertelt ze. ,,Het zou mooi zijn als daar van onderop wat nieuwe mensen bij komen.” De huidige groep is wel erg trouw, merkt de voorzitter op. ,,Elke avond die we organiseren zijn er wel zeventien, achttien leden aanwezig. Als ze niet kunnen, moet er wel echt een goede reden zijn.” De vereniging is nog altijd actief in en voor het dorp, bijvoorbeeld bij geboortes of juist ernstig zieken. ,,We gaan langs met een rompertje als er een baby geboren is en we gaan ook even op bezoek bij zieken. Dat wordt zeer gewaardeerd vanuit het dorp.” Het feit dat de vereniging nog steeds zo actief is, kan best bijzonder genoemd worden vindt Graafsma: ,,In veel omliggende dorpen bestaan ze niet meer. Dan vragen ze zich af: ‘hoe doen jullie dat?’ Het is belangrijk dat we zelf activiteiten hier blijven organiseren. We moeten geen slaapdorp worden.”
Yme Gietema.

Auteur

Redactie