Littenseradiel en Súdwest-Fryslân regelen huishoudelijke hulp goed

Wommels/Sneek

De gemeenten Littenseradiel en Súdwest-Fryslân regelen de huishoudelijke hulp via de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) goed. Inwoners kunnen rekenen op maatwerk. Ze krijgen de hulp die past bij hun situatie, afhankelijk van bijvoorbeeld de grootte van het huis en de taken die ze zelf kunnen uitvoeren.

Op 18 mei 2016 zijn door de Centrale Raad van Beroep (CRvB) een aantal uitspraken gedaan over de Wmo huishoudelijke hulp. Het Wmo-platform en de gemeenteraad hebben naar aanleiding van deze uitspraken vragen gesteld over hoe dit in Littenseradiel en Súdwest-Fryslân geregeld is. Gemeenten mogen de huishoudelijke hulp niet afschaffen. Ze mogen wel normtijden hanteren, maar uitgangspunt is altijd de individuele situatie. Wmo is maatwerk in beide gemeenten, geen algemene voorziening. Littenseradiel en Súdwest-Fryslân hebben in overleg met zorgaanbieders en de cliëntenraad eigen beleid gemaakt voor hulp bij het huishouden. Ook de MO-zaak* was hierbij betrokken. De gemeenten hebben de VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) gevraagd om het beleid te beoordelen. De VNG heeft aangegeven dat het vastgestelde beleid over het indiceren van uren huishoudelijke hulp goed onderbouwd is. Dit blijkt ook het feit dat de gemeenten over de besluiten op aanvraag voor hulp bij het huishouden vanaf de ingangsdatum van de Wmo 2015 geen enkel bezwaarschrift hebben ontvangen. Alleen de herindicaties hebben geleid tot een aantal bezwaarschriften: vijftig bezwaarschriften op ongeveer 1300 herindicaties. In het verleden gaf het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg) advies aan gemeenten over beoordelingen over de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning). Vanaf 2011 is dat afgesplitst in een aparte stichting: De MO-zaak.

Auteur

Redactie