COLUMN | FRYSK

Bolsward

,,Stamt de Engelse taal werkelijk af van een oeroude taal die verwant is aan het Fries? Of stamt juist de Friese taal af van een oeroude taal die verwant is aan het Engels?” Met die vragen krijgt men soms te maken in het contact met niet-Friezen. ,,Ja, één dwaas kan meer vragen dan honderd wijzen kunnen beantwoorden”, is het niet?

Om die mensen toch iets van een antwoord te geven, zou men hen dan het volgende kunnen gaan zeggen: ,,De mensheid is vanuit Afrika over de wereld uitgewaaierd. Dat vermoeden was reeds lang aanwezig, maar dat is nu door erfelijkheidsonderzoek ondersteund. Waar mensen naar toe gaan, daar gaat ook hun taal naar toe. Hebben de mensen die in de oudheid vanuit Afrika naar het Noorden trokken, eerst Engeland aangedaan? Of trokken zij eerst naar West-Europa en pas lang daarna naar Engeland? Helemaal zeker kan men dat niet weten. Maar normaal gesproken zullen deze mensen eerst voor enige bevolking van West-Europa hebben gezorgd en pas lang daarna voor enige bevolking van het Engelse gebiedsdeel. Dus het kan bijna niet anders, de Engelse taal moet wel van de Friese taal afstammen. En niet andersom. De Friezen woonden op zeker moment langs een groot deel van de Europese westkust. Daar komen dus de Engelsen vandaan. Het doet er op dat moment niet meer toe of deze redeneringen echt kloppen. Want de soms toch wat kritische houding van niet-Friezen ten aanzien van de oorsprong van de Friese taal is daarmee al lang en breed afgewend. Jelle Ybema.

Auteur

Redactie